Kerk der Zevende-dags Adventisten - Breda. e.o.

  17. Geestelijke gaven en bedieningen (ambten)

God schenkt aan alle leden van zijn kerk-van-alle-eeuwen geestelijke gaven die elk lid dient te gebruiken in een liefdevolle dienst voor het algemeen welzijn van de kerk en de mensheid. De gaven worden gegeven door middel van de Heilige Geest, die een ieder in het bijzonder toedeelt gelijk Hij wil. De gaven verschaffen alle bekwaamheden en ambten die de kerk nodig heeft om haar van God gegeven taak te vervullen. Volgens de Heilige Schrift omvatten deze gaven o.a. bedieningen van geloof, profetie, genezing, verkondiging, onderwijs, bestuur, verzoening, medegevoel, en zelfopofferend dienstbetoon en liefde om mensen te helpen en te bemoedigen. Sommige leden worden door God geroepen en door de Geest begiftigd voor ambten zoals herder, evangelist, apostel of leraar en worden als zodanig door de kerk erkend. Zij zijn nodig om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van de kerk tot geestelijke rijpheid en om de eenheid van het geloof en de kennis van God te bevorderen. Wanneer leden als trouwe rentmeesters deze geestelijke gaven van Gods veel-kleurige genade gebruiken, wordt de kerk beschermd tegen de vernietigende invloed van valse leer. Zij groeit dan met een groei die van God is, en wordt opgebouwd in geloof en liefde.
(Mat. 25:31-36; Hand. 6:1-7; Rom. 12:4-8; 1 Kor. 12:9-11,27,28; 2 Kor. 5:14-21; Ef. 4:8,11-16; Kol. 2:19; 1 Tim. 2:1-3; 1 Petr. 4:10,11).

TerugVerder